Volkswagen heeft bijna 150.000 bestellingen voor de Electric Urban Car Family
Meer elektrische bestellingen, maar Volkswagen blijft onder druk
De Volkswagen Group heeft voor zijn vier nieuwe compacte elektrische auto's samen al bijna 150.000 bestellingen ontvangen. Het gaat om de Volkswagen ID. Polo, ID. Cross, Cupra Raval en Škoda Epiq, die in Nederland vanaf 25.990 tot 27.990 euro kosten. Het concern maakte de cijfers bekend tijdens de Autosalon van Parijs.
Die belangstelling komt voor Volkswagen op een belangrijk moment. De Europese vraag naar elektrische auto's groeit, maar het concern worstelt nog altijd met teruglopende verkopen, hoge kosten en de reorganisatie van zijn fabrieken. De vier compacte modellen, die voor meer dan 80 procent dezelfde techniek gebruiken, moeten Volkswagen helpen om betaalbare elektrische auto's in grotere aantallen en tegen lagere kosten te bouwen.
De belangrijkste cijfers uit Wolfsburg
- Bijna 150.000 bestellingen voor vier compacte elektrische auto's van Volkswagen, Cupra en Škoda.
- Meer dan 80 procent van de onderdelen en technologie is gemeenschappelijk.
- De Europese instroom van BEV-orders bij Volkswagen Group groeide in het derde kwartaal met ruim 60 procent.
- Ongeveer 40 procent van het Europese orderboek bestaat inmiddels uit volledig elektrische auto's.
Electric Urban Car Family: vier modellen voor de Europese markt
De vier auto's vormen samen wat Volkswagen de Electric Urban Car Family noemt. De ID. Polo en Cupra Raval zijn compacte hatchbacks, terwijl de ID. Cross en Škoda Epiq een hogere carrosserie hebben. Daarmee bedient Volkswagen verschillende groepen kopers, zonder voor ieder model een volledig nieuwe technische basis te hoeven ontwikkelen.
Voor Nederlandse automobilisten liggen de vanafprijzen opvallend dicht bij elkaar.
Model | Nederlandse vanafprijs |
Volkswagen ID. Polo | € 25.990 |
Cupra Raval | € 25.990 |
Škoda Epiq | € 26.990 |
Volkswagen ID. Cross | € 27.990 |
De verschillen zitten vooral in het ontwerp, de binnenruimte, de uitrusting en de afstemming van het onderstel. Uit onze review van de Volkswagen ID. Polo bleek bijvoorbeeld dat Volkswagen veel aandacht heeft besteed aan ruimte en dagelijks gebruik. De Cupra Raval heeft juist een nadrukkelijk sportiever karakter. De Škoda Epiq biedt onder meer een relatief ruime bagageruimte.
Overigens zijn de genoemde prijzen niet allemaal meer gelijk aan die bij de introductie. Volkswagen verhoogde begin oktober al de Nederlandse prijzen van de ID. Polo en ID. Cross. De goedkoopste ID. Polo werd 1.000 euro duurder, terwijl de prijs van de meeste andere uitvoeringen met 1.500 euro steeg.
Hoe de bijna 150.000 bestellingen over de vier modellen zijn verdeeld, vertelt Volkswagen niet. Wel waren er eerder al afzonderlijke cijfers voor de ID. Polo bekend. Begin september stond de Europese teller daarvan op meer dan 30.000 bestellingen. Ook ontbreken afzonderlijke Nederlandse ordercijfers voor de vier modellen.
Meer dan 80 procent van de techniek is gelijk
Dat Volkswagen vier verschillende modellen kan aanbieden tegen relatief lage prijzen, heeft alles te maken met de gezamenlijke ontwikkeling. Alle vier maken gebruik van het MEB+-platform, met voorwielaandrijving en grotendeels dezelfde elektrische aandrijftechniek, accu's en elektronica.
Volgens Volkswagen is meer dan 80 procent van de onderdelen en technologie binnen deze modellenfamilie gemeenschappelijk. Dat gaat dus verder dan alleen het delen van een platform. Door onderdelen gezamenlijk te ontwikkelen en in grotere aantallen in te kopen, kunnen de kosten over meer auto's worden verdeeld.
Ook de productie is op die samenwerking ingericht. De ID. Polo en Cupra Raval worden gebouwd in Martorell, bij Barcelona. De Škoda Epiq en ID. Cross komen uit Pamplona, in het noorden van Spanje. In totaal investeren Volkswagen en zijn partners ongeveer 10 miljard euro in de Spaanse elektrificatieplannen, waaronder ook de productie van accucellen en de assemblage van accupakketten.
Deze aanpak moet het voor Volkswagen gemakkelijker maken om ook met relatief goedkope elektrische auto's geld te verdienen. Dat is geen eenvoudige opgave, zeker nu de concurrentie uit China steeds sterker wordt en andere Europese fabrikanten eveneens met betaalbaardere elektrische modellen komen.
Europese EV-bestellingen bij Volkswagen groeien fors
De bijna 150.000 bestellingen staan niet op zichzelf. Uit de kwartaalcijfers die Volkswagen Group op 12 oktober publiceerde, blijkt dat de belangstelling voor elektrische auto's binnen het concern in Europa flink toeneemt.
In het derde kwartaal kwamen er ruim 60 procent meer nieuwe bestellingen voor volledig elektrische auto's binnen dan in dezelfde periode van 2025. Het Europese orderboek voor elektrische modellen is sinds eind vorig jaar ongeveer verdubbeld. Inmiddels bestaat circa 40 procent van alle nog uitstaande Europese bestellingen uit volledig elektrische auto's.
Ook bij de leveringen is in Europa groei zichtbaar. In het derde kwartaal leverde Volkswagen Group daar ongeveer 20 procent meer volledig elektrische auto's af dan een jaar eerder.
Wereldwijd ziet het beeld er minder gunstig uit. Over de eerste negen maanden van 2026 leverde het concern in totaal 6,01 miljoen voertuigen af, 9 procent minder dan een jaar eerder. De wereldwijde leveringen van volledig elektrische auto's daalden in dezelfde periode met ongeveer 5 procent tot 678.700 exemplaren.
Vooral in China heeft Volkswagen het moeilijk. Daar daalden de totale leveringen over de eerste negen maanden met ongeveer 30 procent.
Meer elektrische auto's lossen Volkswagens problemen niet zomaar op
De nieuwe cijfers sluiten aan bij wat we onlangs beschreven in ons achtergrondartikel over de crisis in de Duitse auto-industrie, juist nu de elektrische omslag op gang komt.
Volkswagen krijgt steeds meer bestellingen voor elektrische auto's, maar moet tegelijkertijd zijn kosten verlagen, de productie reorganiseren en zien om te gaan met de sterk teruglopende verkopen in China. Bovendien zijn elektrische auto's voor het concern doorgaans minder winstgevend dan vergelijkbare modellen met een verbrandingsmotor.
Juist daarom zijn de vier compacte EV's meer dan alleen een uitbreiding van het modellengamma. Door zo veel mogelijk techniek te delen, wil Volkswagen de ontwikkelings- en productiekosten verlagen. De verschillende merken kunnen daarbij ieder hun eigen kopers aanspreken.
Er zit ook een andere kant aan die aanpak. De vier modellen worden allemaal in Spanje gebouwd. Meer bestellingen voor deze auto's betekenen dus niet automatisch dat de Duitse fabrieken meer werk krijgen. Terwijl Volkswagen zijn elektrische verkopen probeert te vergroten, moet het concern in eigen land nog altijd maatregelen nemen om de productie betaalbaar te houden.
Veel bestellingen, maar de marges blijven bepalend
Met bijna 150.000 bestellingen heeft Volkswagen een behoorlijke orderportefeuille opgebouwd voor zijn vier compacte elektrische modellen. Ook de sterk groeiende Europese EV-orderinstroom is een gunstig teken. Het concern zal die belangstelling nu moeten omzetten in daadwerkelijke leveringen, waarbij voldoende winst per auto overblijft.
Daar ligt voor Volkswagen de grootste uitdaging. Meer elektrische auto's verkopen is één ding, er ook voldoende aan verdienen is minstens zo belangrijk.

