Cookie verklaring

Deze website gebruikt cookies.

Om uw bezoek aan onze website nóg makkelijk en persoonlijker te maken zetten we cookies (en vergelijkbare technieken) in. Met deze cookies kunnen wij (en derde partijen) uw gedrag op onze website volgen en analyseren. U kunt de cookies accepteren door op: 'OK' te klikken.

Opladen in 2025: Groei in laadsnelheid én druk op publieke laadinfrastructuur

Opladen in 2025: Groei in laadsnelheid én druk op publieke laadinfrastructuur

Auteur Bas van der Weerd

Aantal EV’s groeit sneller dan aantal laadpunten

Europa breidt het laadnetwerk nog altijd uit, maar de groei van elektrische auto’s loopt voor. We hebben recente onderzoeken en analyses van onder anderen IEA, Rabobank, HERE, T&E, ACEA, DataPulse en PwC naast elkaar gelegd. Hieruit blijkt dat vooral de laadsnelheid per locatie, uptime en regionale spreiding worden bepalend voor de dagelijkse praktijk. De infrastructuur groeit, maar de belasting groeit sneller.

De koers richting een betrouwbaarder en fijnmaziger netwerk komt niet uit de lucht vallen. De inrichting van laadlocaties langs snelwegen verandert zichtbaar door de AFIR-regels, zoals we eerder beschreven in onze analyse over de AFIR. De vraag naar toegankelijk en betaalbaar laden hangt bovendien samen met bredere maatregelen zoals het Social Climate Fund en de mobiliteitsdoelen die we eerder uiteen zetten in onze Green Deal-explainer.

Ook aan de aanbodzijde van de automarkt werkt die dynamiek door. In onze eerdere analyse over elektrificatieschema’s van merken was al te zien hoe sterk fabrikanten leunen op een robuust netwerk.

Groei zet door, maar de druk neemt toe

In heel Europa staan inmiddels ongeveer een miljoen publieke laadpunten. De groei in 2024 lag tussen de 27 en 35 procent, afhankelijk van de bron. Toch stijgt de druk per punt, omdat het aantal elektrische auto’s harder groeit dan het netwerk. Met gemiddeld dertien voertuigen per publieke laadpaal blijft de margeruimte beperkt, vooral in regio’s waar adoptie versnelt.

Indicator (EU)

Waarde

Bron

Publieke laadpunten

~1.000.000

IEA

Jaarlijkse groei

+27 tot +35%

IEA / HERE

BEV’s in Europa

~9,3 miljoen

Rabobank

EV’s per laadpunt

~13

IEA

Nodig in 2030

3,5 tot 8,8 miljoen

T&E / ACEA / DataPulse

Deze verschuiving van aantallen naar bruikbaarheid sluit nauw aan bij de beleidslijn die we eerder schetsten in onze uitleg over Fit for 55.

Laadsnelheid per locatie wordt bepalend

Op snelweglocaties zie je steeds meer hubs die hogere laadsnelheden leveren voor meerdere voertuigen tegelijk. Waar oudere plekken werkten met 50 tot 150 kW per aansluiting, gaan moderne hubs richting 350 tot 400 en soms zelfs 600 kW totale laadsnelheid. Dat verkort de laadtijden en reduceert de wachtdruk, vooral bij piekmomenten.

Indicator

Waarde

Bron

Aandeel ultra-snelladers (>150 kW)

~10%

IEA

Groei ultra-snelladers

>50%

IEA

Minimale laadsnelheid nieuwe corridorlocaties

400 kW totaal

AFIR

Norm vanaf 2027

600 kW totaal

AFIR

Gemiddeld DC-tarief EU

~€0,63 per kWh

ICCT

Voor wie geen eigen oprit heeft en regelmatig op publieke plekken laadt, wordt deze voorspelbaarheid steeds belangrijker. Een hogere laadsnelheid per locatie maakt het verschil tussen soepel, snel laden en structureel tijdverlies.

Regionale verschillen in laadervaring

Europese gemiddelden verhullen grote regionale verschillen. Nederland, Duitsland en Scandinavië hebben een hoge dichtheid aan laadpunten én een snelgroeiend snellaadnetwerk. Ook Frankrijk is met een stevige inhaalslag bezig. Verder weg, in Zuid- en Oost-Europa, zijn de afstanden tussen betrouwbare laadpunten nog regelmatig tientallen kilometers. DataPulse schat dat Europa pas op een kwart staat van wat voor 2030 nodig is.

Indicator

Waarde

Bron

Dekking richting 2030

~26%

DataPulse

Hiaten (>40 km tot laadpunt)

Vooral Zuid/Oost-Europa

DataPulse

EV-voorbereidheid

Noord hoog, Zuid/Oost laag

PwC

Nieuwe laadpunten per jaar

~245.000

HERE

Dichtheid NL/Duitsland/Frankrijk

NL top 3

IEA / Rabobank

Deze versnelling in sommige regio’s en achterstand in andere sluit aan bij het beeld dat we eerder zagen in onze ETS2-uitleg, waar lidstaten eveneens met verschillende snelheden bewegen.

Datapulse: laadinfrastructuur Europa zit pas op een kwart van waar we in 2030 moeten staan

Groei vertraagt, kwaliteit steeds meer bepalend

Hoewel er nog altijd veel nieuwe laadpunten bijkomen, vlakt de groei iets af. Dat hoeft geen probleem te zijn, zolang de snellocaties hogere laadsnelheden halen en storingen snel worden verholpen. Precies daar zien T&E en de FIA de grootste knelpunten. Storingen blijven soms te lang openstaan en veel AC-punten draaien op verouderde techniek. Tegelijk neemt de druk op snelladen toe door stedelingen zonder eigen laadpunt en door zakelijke rijders die vaker onderweg laden.

Thema

Waarneming

Bron

Groei publieke punten

+245.000 jaar-op-jaar

HERE

Druk op snelladers

Stijgende bezetting

T&E

Uptime als knelpunt

Onvoldoende SLA’s

FIA

ACEA-signaal

Tot 8× snellere uitrol nodig

ACEA

Verschuiving naar hogere laadsnelheid

Breed gedragen

IEA / DataPulse / PwC

Van pionieren naar volwassen

Wie door de cijfers heen kijkt, ziet vooral een overgangsfase. Europa is voorbij het pionierstijdperk, maar nog lang niet bij het punt waarop laadinfrastructuur net zo vanzelfsprekend is als een tankstation. De komende jaren draait het minder om nieuwe laadstations, en meer om de vraag of die punten snel, betrouwbaar en op de juiste plekken beschikbaar zijn.

Gebruikte bronnen

We hebben voor het samenstellen van dit artikel gebruik gemaakt van onderstaande bronnen. Ze zijn gekozen vanwege hun recente publicatiedatum, betrouwbaarheid en directe relevantie voor Europese laadinfrastructuur. Waar mogelijk zijn de cijfers onderling gevalideerd en gecontroleerd op consistent gebruik van definities en waarden, zoals het onderscheid tussen publieke AC- en DC-punten en rapportages over laadsnelheden, bezettingsgraad en regionale dekking.

Bas van der Weerd

Bas van der Weerd

Hoofdredacteur

2 reacties

Markie Mark

12 maart, 2023

Loesje Boom

12 maart, 2023

Geef een reactie