Zelfs Shell erkent het: elektrisch rijden is geen niche meer
Ook zonder benzine en diesel valt er geld te verdienen
Zelfs een van de grootste olieconcerns ter wereld zegt het inmiddels hardop: elektrisch rijden is geen niche meer. Shell spreekt in zijn nieuwste Duitse onderzoek van een volwassen markt. De discussie gaat volgens het concern steeds minder over de vraag of elektrisch rijden wel werkt. Veel belangrijker worden de kosten, het laadgemak en de betrouwbaarheid van laadvoorzieningen.
Dat Shell die ontwikkeling zo nadrukkelijk benoemt, is op zijn minst opmerkelijk. Niet omdat het bedrijf afscheid neemt van benzine en diesel, maar omdat het ook steeds meer wil verdienen aan automobilisten die geen brandstof meer tanken.
De belangrijkste uitkomsten uit de studie
- Shell beschouwt elektrisch rijden inmiddels als een volwassen markt.
- 89 procent van de huidige EV-rijders overweegt opnieuw een elektrische auto of plug-in hybride.
- Laadkosten, betrouwbaarheid en voorzieningen onderweg worden steeds belangrijker.
- Shell ziet nieuwe verdienmogelijkheden bij laadstations en bestaande tankstations.
Ook Shell ziet dat elektrisch rijden volwassen is geworden
Shell presenteerde zijn Duitse onderzoek op 7 oktober 2026. Daarvoor werden 1.500 automobilisten ondervraagd, onder wie 1.000 EV-rijders en 500 automobilisten die nog niet elektrisch rijden. De studie maakt deel uit van een groter internationaal onderzoek dat Shell jaarlijks laat uitvoeren.
Florian Glattes, verantwoordelijk voor de mobiliteitsactiviteiten van Shell in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland, is duidelijk over de uitkomsten. Elektrisch rijden is voor veel mensen inmiddels de gewoonste zaak van de wereld. De discussie verschuift volgens hem van de vraag óf elektrisch rijden werkt naar de vraag hoe gemakkelijk, betrouwbaar en comfortabel het dagelijks gebruik is.
Dat is op zichzelf geen verrassende constatering. Elektrische auto's zijn al jaren een vertrouwd verschijnsel op de Europese wegen. Toch klinkt die boodschap anders wanneer juist Shell, groot geworden met de verkoop van olie en brandstoffen, zo nadrukkelijk spreekt over elektrisch rijden als een volwassen markt.
Het concern ziet elektrisch rijden inmiddels als een volwaardige vorm van mobiliteit, die ook voor dagelijks gebruik en langere ritten geschikt is. De onderzoeksresultaten laten zien waarop Shell dat oordeel baseert.
Eenmaal elektrisch, dan meestal ook elektrisch blijven rijden
Van de huidige Duitse EV-rijders overweegt 89 procent bij de volgende aanschaf opnieuw elektrisch te rijden. Shell rekent daarbij ook plug-in hybrides mee. Kijken we uitsluitend naar volledig elektrische auto's, dan komt het percentage uit op 74 procent.
Onder automobilisten die nog geen EV rijden, liggen die percentages een stuk lager. Van hen overweegt 37 procent een elektrische auto of plug-in hybride, terwijl 23 procent specifiek een volledig elektrische auto in overweging neemt.
Dat verschil zegt veel. Wie eenmaal ervaring heeft met elektrisch rijden, staat er doorgaans positiever tegenover dan iemand die de overstap nog moet maken.
Ook langere ritten zijn voor veel EV-rijders inmiddels heel gewoon. Van de ondervraagden heeft 68 procent weleens een langere rit gemaakt waarvoor onderweg minstens één laadpauze nodig was. Voor 46 procent leverde dat positieve ervaringen op, terwijl 22 procent daarbij problemen ondervond. Slechts 6 procent zegt langere ritten vanwege de laadinfrastructuur te vermijden.
Ook over openbare laadpunten zijn de ervaringen overwegend gunstiger geworden. Zo vindt 69 procent dat de beschikbaarheid is verbeterd en ervaart 64 procent een verbetering van de betrouwbaarheid.
Daarbij moeten we wel bedenken dat 81 procent van de ondervraagde EV-rijders thuis kan laden. Hun ervaringen zijn dus niet zonder meer vergelijkbaar met die van automobilisten die volledig afhankelijk zijn van openbare laadpunten.
Ook aan elektrische automobilisten valt geld te verdienen
Dat Shell zo nadrukkelijk aandacht besteedt aan elektrisch rijden, heeft natuurlijk ook een zakelijke achtergrond. Het bedrijf verdient al lang niet meer uitsluitend aan benzine, diesel en andere olieproducten.
Via Shell Recharge beschikt het concern in Duitsland naar eigen zeggen over ongeveer 2.400 ultrasnelle laadpunten. Dat netwerk wordt verder uitgebreid, zowel op eigen locaties als bij samenwerkingspartners.
Shell ziet daarbij ook een belangrijke rol voor zijn bestaande tankstations. Die kunnen steeds meer veranderen in plekken waar automobilisten niet alleen stoppen om te laden of te tanken, maar ook om koffie te drinken, iets te eten of boodschappen te doen.
Volgens het onderzoek is daar volop belangstelling voor. De helft van de ondervraagde EV-rijders koopt minstens eenmaal per maand koffie bij een tankstation of laadhub. Daarnaast koopt 36 procent er regelmatig andere dranken en maakt 34 procent gebruik van de autowasstraat.
Dat gebeurt natuurlijk niet altijd tijdens een laadpauze. Maar voor Shell zijn het wel allemaal mogelijkheden om ook buiten de verkoop van energie geld te verdienen.
Bovendien zou 41 procent van de ondervraagde automobilisten graag warme maaltijden bij laadlocaties kunnen kopen, terwijl 38 procent belangstelling heeft voor winkelvoorzieningen.
Een elektrische automobilist hoeft voor Shell dus helemaal geen verloren brandstofklant te zijn. Ook zonder benzine of diesel kan het bedrijf verdienen aan de energie die onderweg nodig is en aan alles wat automobilisten tijdens hun stop kopen of gebruiken.
Een goede laadstop draait om meer dan laadsnelheid
Volgens het onderzoek kijken EV-rijders steeds kritischer naar de kwaliteit van het laden. Daarbij zijn de laagste prijs of het hoogste laadvermogen lang niet altijd doorslaggevend.
Voor 42 procent zijn de laadkosten een belangrijk criterium bij de keuze van een laadpunt. Een even grote groep let op de aanwezige voorzieningen, terwijl 38 procent het laadvermogen belangrijk vindt.
Opvallend is dat 73 procent bereid is een omweg te maken om bij een betrouwbaarder laadpunt terecht te komen. Daarnaast wil 54 procent eventueel extra betalen om sneller te kunnen laden.
Daar liggen voor Shell natuurlijk kansen. Bij een traditioneel tankstation is de brandstofprijs vaak een belangrijke reden om ergens te stoppen. Bij elektrisch rijden komen daar andere overwegingen bij. Hoe betrouwbaar is de snellader? Wat kost de stroom? En kun je tijdens het laden ook nog iets eten of drinken?
Ook met laadprijzen wordt geëxperimenteerd. Zo probeerde Shell eerder al dynamische laadtarieven uit in Duitsland.
Nog lang niet iedereen is overtuigd
Dat elektrisch rijden volgens Shell geen nichemarkt meer is, wil overigens niet zeggen dat alle automobilisten al klaar zijn voor de overstap.
Onder de ondervraagden die nog geen EV rijden, noemt 43 procent de actieradius of laadmogelijkheden als bezwaar. Voor 32 procent is de aanschafprijs een struikelblok.
Vooral voor automobilisten zonder eigen laadmogelijkheid kunnen die bezwaren zwaar wegen. De beschikbaarheid, betrouwbaarheid en betaalbaarheid van openbare laadpunten blijven dan ook belangrijke aandachtspunten.
Het onderzoek laat daarmee twee verschillende groepen zien. Bestaande EV-rijders zijn overwegend tevreden en willen meestal elektrisch blijven rijden. Onder automobilisten die nog moeten overstappen, is de belangstelling een stuk kleiner.
Ook zonder fossiele brandstoffen blijft Shell een rol spelen
Voor Shell verandert vooral de manier waarop het aan automobilisten verdient. Wie elektrisch rijdt, koopt geen benzine of diesel meer, maar heeft onderweg soms nog steeds energie en voorzieningen nodig. Daar ziet het concern volop mogelijkheden. Dat Shell inmiddels zo openlijk erkent dat elektrisch rijden een volwassen markt is geworden, zegt dan ook genoeg. De elektrische automobilist is voor het olieconcern steeds minder een verloren brandstofklant, maar vooral een klant waaraan ook op andere manieren geld valt te verdienen.

