Oog om oog: nu dreigt China weer met importheffingen
Afgelopen weekend schreef ik nog over de importheffingen die de EU wil invoeren op Chinese elektrische auto’s. En nu komt het nieuws dat China dreigt terug te slaan met heffingen op Europese auto’s met verbrandingsmotoren. Niet bepaald verrassend natuurlijk, behalve dan dat de Chinezen zich schijnbaar willen beperken tot invoerheffingen op de grotere ICE’s. Oog om oog, tand om tand, zullen we maar zeggen. Maar is dit wel zo’n slimme zet? Wie is er uiteindelijk mee gediend? Eigenlijk niemand, behalve dan de staatskassen. De consument is de dupe terwijl het me ook geen positieve ontwikkeling voor de automobielindustrie lijkt.
Heffing vs. heffing
De Europese Unie wil importheffingen opleggen op Chinese elektrische auto’s, omdat ze vinden dat de Chinezen oneerlijk concurreren met staatssteun. Brussel is bezorgd dat de Europese auto-industrie, die toch al te kampen heeft met de overgang naar elektrisch rijden, wordt weggevaagd door een vloedgolf aan goedkope Chinese EV’s.
China pikt dit niet. Uiteraard niet, en dreigt nu dus met tegenmaatregelen: hogere tarieven op Europese auto’s met verbrandingsmotoren, met name de grotere modellen die populair zijn in China. Een spelletje blufpoker, zou je kunnen zeggen. Maar de inzet is hoog: miljarden euro’s aan handel en duizenden banen staan op het spel.
Riskant schaakspel
Is dit dreigement van China nu een slimme zet? Tja, dat is moeilijk te zeggen. Aan de ene kant kan het Europa onder druk zetten om de heffingen op Chinese EV’s te heroverwegen. Aan de andere kant riskeert China een verdere escalatie van de handelsoorlog, met alle economische gevolgen van dien.
Voor de Europese auto-industrie zijn de mogelijke gevolgen groot. Hogere tarieven kunnen leiden tot hogere prijzen voor Europese auto’s in China, waardoor ze minder aantrekkelijk worden voor Chinese consumenten. Dat kan de verkoopcijfers flink drukken en banen kosten in Europa.
Timing is ronduit ongelukkig
Ik vind de dreigende handelsoorlog tussen China en het Westen een zorgwekkende ontwikkeling, vooral omdat de auto-industrie zo’n belangrijke rol speelt in de wereldeconomie. De transitie naar elektrisch rijden maakt de situatie nog complexer. De automobielindustrie en overheden investeren enorme bedragen in die transitie. Uiteraard gaat die transitie met horten en stoten, en uitgerekend op dit moment vraagt de industrie zich af of men niet te snel en te veel is gaan investeren in elektrische voertuigen. Dan is het helemaal niet handig als er tegelijkertijd maatregelen worden genomen die de omzet en marges van de autofabrikanten nog verder onder druk zet.
Verkeerd uitgangspunt
En dat alleen maar omdat landen strijden om een leidende positie in deze nieuwe technologie. Die strijd kun je niet winnen met importheffingen, maar met goed en verstandig zakendoen. Moderne technieken, efficiënte productiemethoden, slimme marketing en nog veel meer. Denken in mogelijkheden, in plaats van het creëren van problemen en gedoe.
Van conflict tot compromis?
Het is moeilijk te voorspellen hoe dit conflict zich zal ontwikkelen. Laten we hopen dat dit niet meer is dan een aanzet tot onderhandelingen, waarin beide partijen hun belangen kunnen behartigen zonder de handel daadwerkelijk te schaden. En hopelijk komen China en het westen – de VS is ook met importheffingen bezig - tot een compromis. Laten we ook hopen dat gezond verstand en diplomatie de overhand krijgen in deze strijd.
Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: schone, betaalbare en betrouwbare auto’s, waar ze ook vandaan komen. En een vrije keus daarin, waarbij we onze eigen argumenten en overtuigingen mee kunnen laten wegen, in plaats van door overheden opgelegde prijsverhogingen.

