Cookie verklaring

Deze website gebruikt cookies.

Om uw bezoek aan onze website nóg makkelijk en persoonlijker te maken zetten we cookies (en vergelijkbare technieken) in. Met deze cookies kunnen wij (en derde partijen) uw gedrag op onze website volgen en analyseren. U kunt de cookies accepteren door op: 'OK' te klikken.

Elektrisch rijden blijft eerste keus, brommobiel groeit fors, maar lokaal beleid remt af

Elektrisch rijden blijft eerste keus, brommobiel groeit fors, maar lokaal beleid remt af

Auteur Bas van der Weerd

EV-rijders blijven trouw, maar de brommobielmarkt beweegt niet overal hetzelfde

Wie al elektrisch rijdt, wil meestal niets anders meer. In het Nationaal EV- en Berijdersonderzoek 2025 zegt 83 procent van de ondervraagde EV-rijders dat de volgende auto opnieuw volledig elektrisch wordt. Slechts een kleine minderheid denkt aan brandstof of plug-in hybride.

Ondertussen groeit ook de brommobielmarkt stevig door. Het Nederlandse brommobielpark nam toe van 23.045 voertuigen in 2020 naar 32.646 eind 2025, een plus van 42 procent. Alleen in Amsterdam draait het beeld juist de andere kant op, nadat het ingestelde plafond voor vergunningen voor emissieloze brommobielen is bereikt.

Elektrisch rijden blijft voor veel rijders gewoon dé keuze

Elektrisch rijden voelt voor veel huidige EV-rijders inmiddels niet meer als iets nieuws. Het hoort er gewoon bij. In het onderzoek, dat in december 2025 is ingevuld door ruim 3.600 respondenten, zegt 83 procent dat een volgende auto opnieuw volledig elektrisch zal zijn.

Dat is misschien wel het duidelijkste cijfer uit het hele onderzoek. Niet omdat het spectaculair klinkt, maar juist omdat het laat zien hoe normaal elektrisch rijden voor deze groep is geworden. De stap terug is klein. Slechts 2 procent denkt aan brandstof en 3 procent aan plug-in hybride.

Nieuw blijft nog vaak de veilige route

Opvallend is ook hoe mensen eerder zijn ingestapt. Van de huidige EV-rijders die daarvoor een brandstofauto reden, stapte 71 procent over naar een nieuwe EV. Dat zegt iets over vertrouwen, maar ook over hoe de markt zich tot nu toe heeft ontwikkeld.

Voor de volgende auto blijft dat beeld deels overeind. 40 procent zegt opnieuw voor nieuw te willen kiezen. Tegelijk twijfelt 36 procent tussen nieuw en gebruikt. Daar zie je dat de occasionmarkt wel dichterbij komt, maar nog niet voor iedereen vanzelf spreekt.

Het onderzoek zegt vooral iets over huidige EV-rijders

Daar hoort wel een nuance bij. Dit onderzoek gaat over mensen die nu al elektrisch rijden. Het zegt dus niet automatisch iets over alle Nederlandse automobilisten. Particuliere rijders zijn bovendien relatief sterk vertegenwoordigd en de respondenten rijden ook vaker een nieuwe EV.

Maar binnen die groep is het beeld helder genoeg. Wie eenmaal elektrisch rijdt, wil daar in grote meerderheid mee doorgaan.

De irritatie zit vooral in beleid en kosten

Dat veel mensen elektrisch willen blijven rijden, betekent niet dat ze ook tevreden zijn over alles eromheen. In hetzelfde onderzoek noemt 83 procent het vorige kabinetsbeleid onvoldoende. En 92 procent vindt dat de overheid elektrisch rijden actief moet blijven stimuleren.

Dat voelt eigenlijk heel herkenbaar. De auto zelf lijkt voor veel rijders het probleem niet meer. De onrust zit eerder in regels, lasten en het idee dat beleid steeds kan verschuiven.

Niet de techniek, maar de voorwaarden schuren

Juist dat maakt deze uitkomst interessant. Een paar jaar geleden ging het gesprek vaak over laadstress, rijbereik of de vraag of elektrisch rijden wel praktisch genoeg was. Nu lijkt dat bij deze groep minder het punt. De discussie schuift meer richting kosten en voorspelbaarheid.

Dat merk je ook aan de twijfel tussen nieuw en gebruikt. Zo’n keuze gaat natuurlijk over prijs, maar ook over zaken als gebruikskosten, belastingen en restwaarde. Het onderzoek rekent dat niet helemaal uit, maar je ziet wel dat die vragen steeds meer gewicht krijgen.

Brommobielen groeien hard, maar niet overal

Naast het EV-onderzoek vallen de brommobielcijfers op. Landelijk is daar juist sprake van stevige groei. Het Nederlandse brommobielpark groeide van 23.045 voertuigen in 2020 naar 32.646 eind 2025. Dat is 42 procent erbij in vijf jaar tijd.

Dat is geen klein zijlijntje meer. Het laat zien dat de brommobiel voor een grotere groep in beeld komt als praktisch vervoer voor korte ritten.

Ook buiten de grote stad groeit die markt

Die groei zit bovendien niet alleen in de bekende stedelijke gebieden. Juist ook daarbuiten lopen de cijfers op. In het Gooi zijn de stijgingen in sommige gemeenten zelfs erg fors te noemen. Dat zegt vooral dat de brommobiel voor meer mensen bruikbaar begint te worden, en niet alleen voor één heel specifiek soort gebruiker.

Amsterdam laat juist een andere kant zien

Tegelijk springt Amsterdam eruit, maar dan om een andere reden. Daar daalden de nieuwe registraties van 154 in september 2025 naar 57 in januari 2026. Dat is een flinke terugval in korte tijd.

Die daling valt samen met het bereiken van het maximum van 3.000 vergunningen voor emissieloze brommobielen. Alleen kopers van 23 september 2025 of eerder komen nog in aanmerking voor die vergunning. Formeel loopt de proef nog door tot en met 31 augustus 2026, maar voor nieuwe kopers zit de regeling in de praktijk dus dicht.

De timing valt wel erg op

Je kunt niet keihard zeggen dat alleen die vergunningsgrens de daling heeft veroorzaakt. Registratiecijfers vertellen nooit het hele verhaal. Maar de timing is wel lastig te negeren. Landelijk groeit de brommobielmarkt door, terwijl Amsterdams juist terugvalt op het moment dat dat voordeel wegvalt.

Daarbij is één nuance belangrijk. Een brommobiel is niet per definitie elektrisch. In Amsterdam gaat het specifiek over emissieloze brommobielen binnen die vergunningsregeling. Dat verschil is klein in taal, maar groot in betekenis.

Twee markten, twee duidelijke signalen

Zet je die cijfers naast elkaar, dan valt vooral op dat de signalen verschillend zijn. Bij elektrische auto’s gaat het vooral over trouw aan de aandrijflijn. Huidige rijders willen in grote meerderheid elektrisch blijven rijden.

Bij brommobielen zit het nieuws juist meer in de marktbeweging. Landelijk gaat het hard omhoog, maar lokaal kan het beeld snel omslaan. Amsterdam laat dat nu vrij scherp zien.

Wat je hier vooral uit kunt halen

De kern is eigenlijk best simpel. Elektrisch rijden staat onder huidige EV-rijders stevig overeind. De brommobielmarkt groeit hard, maar niet overal in hetzelfde tempo. En juist in Amsterdam zie je hoe snel lokale regels dat verschil zichtbaar maken.

Daardoor voelt dit niet als twee losse cijfers naast elkaar, maar ook niet als een groot systeemverhaal. Het zijn vooral twee nuchtere momentopnames uit dezelfde markt, en allebei zeggen ze iets bruikbaars over waar elektrische mobiliteit in Nederland nu staat.


Bronnen

  • Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), Vereniging Elektrische Rijders (VER) en Rijksuniversiteit Groningen - Nationaal EV- en Berijdersonderzoek 2025

  • RDC - Ontwikkeling brommobielpark Nederland en registratiedata 2020–2026

  • Gemeente Amsterdam - Vergunningregeling emissieloze brommobielen en parkeerbeleid


Bas van der Weerd

Bas van der Weerd

Hoofdredacteur

2 reacties

Markie Mark

12 maart, 2023

Loesje Boom

12 maart, 2023

Geef een reactie